We zijn op weg!!!!!
Het is vandaag 16 juli 2027 en vanochtend zijn we vertrokken vanuit onze woonplaats Landgraaf. Dit jaar maken wij een reis door Frankrijk, een rondje Frankrijk zeg maar. We zijn vanochtend vertrokken uit Landgraaf en eerst naar het Belgische Bouillon gereden. Bouillon wordt gedomineerd door een groot kasteel boven de stad. Het is het kasteel van een legendarische kruisridder Godfried van Bouillon omdat we al eerder in de stad waren zijn we niet meteen naar het kasteel gegaan, maar bezochten we het Archeoscope de Godfried de Bouillon. Hier wordt op een indrukwekkende manier het leven van de kruisridder heel beeldend verteld. Zo krijg je een goed beeld over de tijd van de kruistochten.
Paus Urbanus II spoorde de Europese adel aan om op kruistocht te gaan in naam van het heilige graf, en Jeruzalem op de heidenen te heroveren. De edelen zagen het als een goddelijke opdracht om op kruistocht te gaan. De eerste kruistocht vond plaats aan het einde van de elfde eeuw. Godfried van Bouillon was een van de meest kenmerkende edelen die de leiding hadden over dezen hachelijke onderneming. . Uit alle windrichtingen van Europa sloten legers zich bij de eerste kruistocht aan. Vanuit Constantinopel (het hedendaagse Istanboel) trokken de legers naar het zuiden en veroverden stad na stad op de bezetters van het "beloofde land". Hoewel geweld volgens het christendom niet toegestaan is, is geweld volgens de paus wél toegestaan als het ter verdediging van het christendom aangewend wordt en daar maakten de kruisridders dan ook behoorlijk gebruik van. Hoewel niet iedere belegering of verdediging van overwonnen steden succesvol was, veroverden de kruisridders op 15 juni 1099 de stad Jeruzalem op de Turkse bezetters. Daarmee was de heilige stad weer in Christelijke handen.
Bouillon stelt als staat niet heel veel voor. Het kasteel van Godfried van Bouillon is echter indrukwekkend groot en heeft een goed beeld van de middeleeuwse manier van bouwen van verdedigingswerken. Voor ons ging de reis echter verder naar het 200 kilometer verderop gelegen Connantre. We overnachten hier op een eenvoudige camperplaats in een nog eenvoudiger dorpje. voorzieningen zijn er niet, maar de plek onder de bomen aan een klein zwemmeertje maakt veel goed. Op weg naar Connantre toe was de overheersende kleur goud-geel. de streek tussen Reims en Orleans, ons doel van morgen, is de graanschuur van Frankrijk. Het gaan is inmiddels geoogst,. Wat blijft zijn goud gele stoppelvelden zo ver het oog rijkt. Af en toe wordt het landschap bijna doorklieft door een fel paars veld met lavendel of een veld met reusachtige zonnebloemen, maar dat zijn dan ook de enige afwisselende beelden in deze streek.
Door het hart van Frankrijk naar Orleans
Ons reisdoel van vandaag is Olivet, een kleine stad onder de rook van Orleans. Net als gisteren voerde onze camper ons overwegend door goudgeel tarwe velden, afgewisseld met zonnebloemen en hier en hier en daar een beetje bos. Hoewel de rit van vandaag niet al te lang was, kozen we toch voor een tussenstop bij het kasteel van La Motte Tilly. Het kasteel werd vanaf 1754 gebouwd op een bosterrein langs de Seine en was bedoeld voor de broeders Terray. De beroemdste van de twee broers, de abt Joseph Marie Terry wordt in 1769 belastinginspecteur onder koning. Lodewijk XV. Bij zo’n baan hoort een passende woning en het kasteel van La Motte Tilly is precies dat. Het is niet per se een kasteel, maar meer een gigantisch heren huis op een landgoed dat omringd wordt door bossen. We bezochten het kasteel met een rondleiding die alleen in het Frans was. Ons Frans is niet bepaald goed om niet te zeggen slecht, dus een folder in het Nederlands hielp in ieder geval een beetje op het verhaal te volgen.
De laatste bewoonster van het kasteel de markiezin van Maillé, zorg ervoor dat de geraffineerde sfeer van de 15e tot en met de 18e eeuw in het herenhuis weer terugkwam. Het decor en het meubilair dragen haar stempel.
Na ons bezoek aan het kasteel zijn we verder gereden in de richting van Orleans. Hier blijven we twee nachten op camping Olivet, een kleine 10 km van het centrum van de stad.
Orleans in one day....
Vandaag zijn we al redelijk vroeg vertrokken naar Orleans. Vier of vijf jaar geleden, waren hier ook al een keer, maar toen was het weer slecht en leek de stad wel een bouwput. Dat was vandaag wel heel anders het weer was prima en de stad lag er schitterend bij. Orleans werd al in de oudheid bewoond maar werd pas echt bekend in de Romeinse tijd. In vier nar Christus veroverde Cesar de stad en noemde haar Aurelianum. Je moet goed zoeken om de resten van het Romeinse verleden te vinden. Dat is heel anders met het middeleeuws verleden dat ondanks de zware bombardementen in de Tweede Wereldoorlog nog overal te zien is, omdat het na de jaren 40 van de vorige eeuw als het ware weer in z’n oude vorm herbouwd werd. De vakwerkhuizen, de vele kerken en de mooie pleinen getuigen van die herbouw.
Boven alles is Orleans echter bekend door Jeanne D’Arc. Ze is één van de grootste heldinnen uit de Franse militaire geschiedenis. Ze speelde een doorslaggevende rol in de Honderdjarige Oorlog (1337-1453) maar werd door de Bourgondiërs uitgeleverd aan de Engelsen, waarna ze op de brandstapel belandde. De in 1920 heilig verklaarde Jeanne d'Arc vind je overal terug in de stad. Soms in de vorm van een standbeeld soms op een schilderij of in de naam van een koffiehuis..
Wij bezochten Orleans met een city pas. Voor € 26 kun je hiermee nagenoeg alle bezienswaardigheden bezoeken en kun je ook reizen met het openbaar vervoer.
Morgen vervolgen we onze reis naar de Dordogne, een rit van bijna 400 kilometer. Eigenlijk hadden we nog een kleine omweg willen maken voor een hike in de Fonsalade vallei. De voorspelde hitte zorgt er echter voor dat we hiervan afzien.
Een reisdag van Olivet naar Argentat sur Dordogne
Vandaag was een echte reisdag. We moesten een kleine vierhonderd kilometer overbruggen van Olivet naar Argentat Sur Dordogne. We hadden eigenlijk nog een stevige hike gepland onderweg, maar die hebben we uiteindelijk toch maar overgeslagen. De route voerde voor een groot deel over de A20 dwars door het Parc Naturel de la Brenne en het Parc Naturel Perigord-Limousine. Het landschap onderging ten opzichte van de vorige dagen een metamorfose. De tarwe- en zonnebloem velden en het vlakke land werden verruild voor heuvels en laaggebergte met weelderig beboste hellingen. Dit maakte de omgeving erg plezierig om doorheen te rijden.
Onze verblijfplaats voor de komende vier nachten is camping Chateau de Gibanel een dikke vijf kilometer stroomafwaarts van Argentat. De camping ligt op het terrein van een klein Chateau met bijbehorende hoeve, direct aan de oevers van de Dordogne. De komende dagen staan in het teken van fietsen, hiken en wellicht een tocht met een kano over de rivier.
De Cascades van Murel
Na een heerlijke frisse nacht was het goed opstaan vanochtend. Hier vlak aan de Dordogne is het ‘s ochtends net geen 18°, maar loopt de temperatuur gedurende de dag al snel op naar 30° en meer. Vanochtend zijn we naar het stadje Argentat gefietst. Onze bedoeling was om bij het plaatselijke VVV kantoor wat informatie op te halen voor mogelijke activiteiten de komende dagen. Hoewel de Nederlands sprekende juffrouw achter de balie aller aardigst was, schoten we niet veel op. De meeste hikes starten een behoorlijk eind van onze camping vandaan en de fietstochten die ze ons kon aanbevelen, waren doorgaans veel te lang voor de hete temperaturen midden op de dag. We besloten om op eigen gelegenheid naar de Cascades de Murel te fietsen. De watervallen die omlaag storten uit diepe kloven in het heuvellandschap liggen op ongeveer 11 km van Argentat. Omdat we vroeg vertrokken was de temperatuur nog aangenaam. De watervallen en de molen die we bezochten waren zeker geen hoogtepunt maar de wandeling tussen de hoge bomen was heerlijk en leverde mooie plaatjes op. De middag hebben we uiteraard doorgebracht aan het zwembad.
Een dagje lui en een actieve dag
Met temperaturen ruim boven de dertig graden is al te veel bewegen overdag geen goed idee, maar na een dagje luieren gisteren is de omgeving is hier aan de Dordogne te mooi om alleen maar bij de camper, bij het water of aan het zwembad te liggen. Daarom zijn we vanochtend al vroeg vertrokken voor een korte (maar intense) hike in de omgeving van onze camping. De route voerde eerst ruim 3 kilometer redelijk steil bergop naar een mooi uitzichtpunt over het dal van de Dordogne. Vanuit Point de vue Roc Castel heb je een prachtig uitzicht over de loop van de Dordogne met hier en daar wat oude huizen die in het landschap te geschilderd lijken.
Vanuit het uitzichtpunt zijn we verder gelopen naar het hoogste punt op ruim 400 meter. Het dorpje Le Bourg ligt verstild in de heuvels. Met ongeveer 260 inwoners is het niet meer dan een groot gehucht met authentieke natuursteen woningen en een kerk die qua bouwstijl laat middeleeuws lijkt. Vanaf Le Bourg liep de wandeling langs de oevers van de Dordogne terug naar Chateau Le Gibanel. Na een kleine drie uur waren we weer terug bij onze camper. De rest van de dag lonkte het zwembad. Morgen reizen we verder zuidelijk naar de vallei van de lot.
Espalion, de eerste glimlach van het zuiden.
andaag hebben we een betrekkelijk korte etappe gereden vanuit de Dordogne naar Espalion in de vallei van de Lot. Espalion is een charmant stadje in het noorden van de departement Aveyron. Het ligt als een pareltje aan de oever van de rivier. De omgeving ademt een rustige, landelijke sfeer uit, met afwisselende landschappen— groen glooiende heuvels afgewisseld met daartussen rivieren die dalen uitslijpen in het Landschap. In het kasteelachtige silhouet van de stad Espalion voel je de historie van de Rouergue, een oude middeleeuwse provincie. Zoals zoveel Franse steden wordt ook Espalion gedomineerd door een grote kasteel, ruïne: het chateau de Calmont D’Olt. Het kasteel, genoemd naar de familie die het gebouwd heeft in het jaar 1000, hallo kent een lange geschiedenis. Met name in de Franse Engelse oorlog werd dat kasteel stevig verbouwd om aanvallen te kunnen weerstaan. Wij wandelden vanuit de stad naar de Kasteelruïne. Omdat deze gebouwd is op een uitgedoofde vulkaan was de wandeling bergop (zeker met meer dan 30°) een behoorlijke uitdaging. Het uitzicht vanaf de ruïne en de manier waarop deze ruïne gerestaureerd is onder leiding van Thierry Plume ( een inwoner van Espalion), was de inspanning echter meer dan waard.
We overnachten vandaag op een van de vele Camping Car Parc plekken in Frankrijk. Meestal zijn het plaatsen met elektriciteit en water, maar de plek in Espalion heeft ook een sanitair blok. Dit is voor de camperplaats én voor de pelgrims die de Camino lopen. In de stad is de blauwe - gele schelp, het teken van de pelgrimstocht naar Santiago de Compostela, overal te zien. Een enkele pelgrim trotseerde de hitte en was nog onderweg. De rest heeft het vizier, net als wij, al op morgen gericht 😉
Op weg naar Millau
Vandaag stond slechts een korte route van Espalion naar Millau op ons reisschema. Dat gaf ons alle tijd om een tussenstop te maken in Sévérac d'Aveyron. Deze middeleeuwse stad zelf, met een goed bewaard gebleven chateau dat over de stad uitkijkt, was echter niet het doel van deze tussenstop. Wij hadden onze zinnen gezet op een hike in de omgeving: de route van de kammen!
Sévérac zelf ligt op ongeveer 600 meter hoogte, maar wordt omgeven door een gordel van bergkammen. De wandeling voerde over (een deel van) deze kammen. We verlieten Espalion al vroeg, zodat we ruim voor tienen op weg waren voor de 12 km lange hike. De uitspraak ‘what goes up must come down’ was nogal van toepassing op de route. Omdat de verschillende heuvels rondom de stad geen geheel vormen, ging de route omhoog en omlaag. Sommige beklimmingen waren echte kuitenbijters, maar eenmaal boven wachtte steeds een indrukwekkend panorama. Na een korte wandeling in middeleeuwse kern van Sévérac reden we door naar Millau. Hier blijven we twee nachten. De rest van de middag stond vooral in het teken van luieren aan het zwembad. Aan het begin van de avond hebben we nog n hapje gegeten in het centrum van Millau dat we morgen verder verkennen.
Het viaduct van Millau: levensader in het noord-zuid verkeer
Vandaag was de eerste dag sinds ons vertrek dat we niet met Stralend zonnig weer wakker werden. De voorspellingen voor de rest van vandaag waren ook niet geweldig dus we besloten om met de fiets in de richting van het beroemde viaduct van Millau te gaan. Met maar liefst 343 m is deze brug de hoogste ter wereld. Het Viaduct van Millau overspant de vallei van de Tarn en verbindt de gemeenten Millau en Creissels. Het viaduct maakt deel uit van de autosnelweg A75/E11, die Clermont-Ferrand in het noorden verbindt met Béziers en Montpellier in het zuiden, en vormt een belangrijke route van Parijs naar Zuid-Frankrijk.
De hoogste pijler bereikt een hoogte van 343 meter, iets hoger dan de Eiffeltoren, en de brug ligt 270 meter boven de rivier. Dit imposante bouwwerk werd ontworpen door Michel Virlogeux en de Britse architect Norman Foster. Een echte Frans Britse samenwerking dus. Met € 394.000.000, was dit zeker geen goedkope onderneming. De belangrijkste financier was het Franse bedrijf Eiffage, dat in ruil voor de investeren 75 jaar tol mag heffen. Aan het passeren van de brug hangt dus een prijskaartje. Aan de overkant van de rivier de Tarn is in plek ingericht waarvandaan je de brug goed kunt zien. Wij kozen voor de andere voor, maar maar we hebben goed moeten zoeken om een plek te vinden waar de brug echt goed te zien was. De route die ernaartoe leidde was niet bepaald geschikt voor een fiets. De terugweg hebben we daarom maar over de Route National gereden.
Van hooggebergte naar de kust
Vanochtend zijn wij rustig van Millau naar Le Grau du Roi gereden, onze uitvalsbasis voor de komende twee dagen. We lieten het ruige berglandschap achter ons en reden naar de Middelandse zee.
Le Grau du Roi betekent 'kanaalmonding van de koning'. Dat komt doordat de badplaats aan de monding van de Vidourle ligt. Hier ligt de grootste recreatiehaven van Europa waar zo'n vijfduizend schepen voor anker liggen.
De badplaats kan met recht levendig genoemd worden. De vele boetiekjes en restaurants en de mooie brede stranden trekken een grote horde toeristen. Wij hebben de stad verkend, op een terras van de kleurrijke mensenmassa genoten en aan het strand gelegen. Morgen bezoeken we de stad Montpellier en ook de Camargue, het regionaal natuurpark met zijn moerasgebieden staat nog op het programma.
Een onverwacht vertrek, een bijzondere stad en de Côte D'Azur!
Onze dag liep iets anders dan gepland vandaag. We hadden waren het ontbijt al klaar om met de fiets de Camargue te gaan verkennen toen bleek dat we per abuis een dag te kort op de camperstop geboekt hadden. Zo dicht bij de kust is bijboeken geen optie dus hebben we ons boektje ingepakt en waren we met een dik half uur weer op pad. Gelukkig was er op onze camping voor de komende dagen ook vandaag al plek. We reden dus richting Cavalair sur Mer aan de kust van de Côte D’azur.
Onderweg maakten we een tussenstop op Arles
Arles, ligt in de Rhônedelta en werd in de 1e eeuw v.Chr. gesticht door de Romeinen. Dit verleden is overal in de stad te zien. Het Romeins amfitheater (Les Arènes), het Romeins theater en de thermen van Constantijn, zijn mooie voorbeelden van Romeinse bouwkunst in het zuiden van Europa. We bezochten deze highlights en waren (opnieuw) onder de indruk van het vernuft waarmee bijna 2000 jaar geleden gebouwd werd.
1888 zocht Vincent Van Gogh inspiratie in Arles. Hij schilderde er de Sterrennacht en Caféterras bij de Rhône, twee van zijn meest iconische werken. Saillant detail: in Arles sneed van Gogh na een hevige ruzie met collega schilder Paul Gaugin, zijn rechter ook af. De stad ademt dus naast Romeins (en middeleeuws) verleden, ook van Gogh.
De komende dagen staan we op camping Cros de. Mouton in Cavalaire-Sur-Mer. Hiervandaan gaan we het achterland en de kust verder verkennen.
Rustdag😉
Vandaag een heuse rustdag. Geen natuur, geen cultuur, maar even helemaal plat☺️☀️🏊♀️
Saint-Tropez en Port Grimaud
Na een middag op de camping aan het zwembad gisteren, zijn we vanochtend met een huur scooter vertrokken naar het 35 kilometer verderop gelegen Saint Tropez. De clichés die over deze stad de ronde doen zijn in de basis waar. Een brede strook rondom de haven is doordrenkt van glamour en glitter. Hier geldt: zien en gezien worden. Zowel op straat als aan boord van de net iets te grote jachten in de haven. Dat leidt tot komische beelden. Dames die met 35 graden in gouden of zilveren , weinig verhullende jurken, flaneren passen evenmin in het plaatje van de mediterrane stad als mannen die met ontbloot gespierd lichaam duidelijk op zoek zijn naar goedkeurende blikken. Vergeet daarnaast alles wat wij op het vlak van jachten in Nederland groot vinden. De maatvoering in Saint Tropez is absurd. De haven, maar ook de baai ligt bezaaid met jachten die al bijna kleine cruiseschepen zijn. Compleet met waterspeelpark voor de kinderen en jetski’s en ander water vertier voor volwassenen. Die volwassenen liggen vervolgens enigszins lethargisch aan boord. Maar goed, om gezien te worden is weinig activiteit nodig.
Saint Tropez ken echter ook een andere kant. De wandeling naar de citadel leverde bijvoorbeeld prachtige vergezichten op en de kleine straatjes en pleintjes doen je haast vergeten dat je hier in het jetset hart van Zuid Frankrijk bent.
Mocht je het idee hebben dat de boetiekjes in deze kleine steegjes gewone prijzen hanteren, dan heb je het mis. De shopper die hier aan de slag wil, moet een goed gevulde portemonnee meebrengen.
Na Saint Tropez zijn we doorgereden naar Port Grimaud, het Venetië van Frankrijk. Ook hier ligt de haven bezaaid met jachten en ander varend spul. Het is echter net allemaal wat kleiner en minder pompeus. We hebben lekker en gezond geluncht aan een van de vele kanaaltjes en nog kort door de stad gewandeld. De 35 graden deden ons echter ook verlangen naar verkoeling. Net als gisteren eindigde onze middag dus lui aan het zwembad.
Bormes-Les-Mimosas, de stad en de zee
Vandaag zijn we voor de tweede dag op rij onderweg geweest met de scooter, doel van de dag was het verder westelijk gelegen stadje Bormes les Mimosas, een plek die hoog in de lijst van de mooiste Franse dorpjes staat. Op weg naar onze bestemming passeerden we aan de voet van de rotsen een aantal van de landing stranden uit de Tweede Wereldoorlog. Wij waren ons er niet zo van bewust dat de geallieerden ook hier en land gekomen zijn in 1944.
Cavalaire-sur-Mer was echter een van de belangrijkste landingsstranden tijdens Operatie Dragoon op 15 augustus 1944. Het strand van Cavalaire stond destijds bekend onder de geallieerde codenaam Alpha Beach. Langs de kust liggen zowel in oostelijke als westelijke richting meer landing stranden.
Bormes les Mimosas maakte de verwachting waar. Het is een meer dan charmant dat je dat gebouw tegen de rotsen verrast met kleine kronkelige. Nauwe straatjes omzoomd door huisjes in pasteltinten. Wat opvalt is de enorme bloemenpracht. Dit geeft het dorpje extra charme. Wij maakten een wandeling naar de top van de rotsen en hadden een uitzicht over het stadje ook een prachtig uitzicht over de baai waaraan de haven ligt. Precies deze haven was onze volgende bestemming.
Eenvoudige maaltijd op een terras te midden van jachten in zeilboten, gingen we aan boord van een hybride schip voor een rondvaart door het nationaal park Port Cros, het oudste en eerste mariene (onderwater) nationale park van Europa, opgericht in 1963. Met het excursie schip voeren we op hoge snelheid naar de eilandengroep. Mensen die gekozen hadden voor een plek direct aan de reling kwamen bedrogen uit. Een stevige mistral stuwde het wat op en het tempo van het schip deed de rest. De mensen aan de reling waren binnen de kortste keren kletsnat. Wij zaten gunstiger😉
Het eiland Port-Cros is het meest bergachtige, ruige en wildste eiland van de archipel. Het is zowel voor wat betreft de biodiversiteit en het onderwater leven als voor wat betreft de historisch strategische ligging van belang. Omdat de eilanden alleen over zee te bereiken zijn, worden de standen en baaien vooral gevuld met mensen die er varend kunnen komen. Verder ademt de omgeving rust.
Wat dit natuurgebied extra bijzonder maakt, is het feit dat het ook een reservaat is voor zeezoogdieren. De voedselrijke omgeving zorgt ervoor dat dolfijnen en kleine en kleine en grotere walvissen hiernaartoe komen. Onderweg zagen we een groep dolfijnen uit het water springen. Eén mooi plaatje dat de foto helaas niet gehaald heeft.
Morgen gaat de scooter terug naar de verhuurder en gaan we weer verder met fiets en openbaar vervoer.
Toulon, een maritiem hoogtepunt in de Provence
Vanochtend waren we een beetje in dubio. We wilden eigenlijk naar het strand, maar voor dat we verder noordelijk reizen staat ook Toulon nog op onze planning. Morgen, op zondag, zijn veel bezienswaardigheden en winkels gesloten en daarom besloten we de stranddag tot morgen uitbreiden stellen. We verlengden de huur van onze scooter en reden ruim zestig kilometer naar Toulon.
Toulon is een stad met een rijke maritieme geschiedenis en een levendige binnenstad. Vandaag was er een uitgestrekte markt in het historisch centrum. Alleen die markt al maakte de trip de moeite waard. De exotische groenten en fruit soorten, de rijkdom aan kruiden en de vele snuisterijen, doen denken aan een oosterse bazaar.
Toulon is al van oudsher een Marine stad. In de tweede wereldoorlog moest de stad deze status bekopen met zware bombardementen. Veel
Van het historische centrum, dat terug gaat naar de Romeinse tijd, ging daardoor verloren. Na de oorlog werd de stad weliswaar weer herbouwd, de echte historische allure is voor ons gevoel niet echt meer teruggekomen.
Een aantal gebouwen, zoals de Cathedraal Sainte-Marie-de-la-Seds, herinneren wel nog aan het rijke verleden. Ook het feit dat de Marine altijd een rol speelde en speelt, zie je in de haven terug.
Wij vonden Toulon een aangename mediterrane stad. De hoge palmbomen die tot ver in het centrum te zien zijn, in combinatie met de markt en de multiculturele samenstelling van de bevolking, maken het een bijzondere plek in de Provence.
Een echte rust-en stranddag🏖️☀️⛱️
Vandaag geen verhalen. De laatste dag van onze tijd aan de kust van de Provence brengen we door aan het strand. Morgen reizen we verder naar het noorden. A demain!!!😉
Van bruggen, pausen en tegenpausen: Avignon
Op sommige reizen kom je steden tegen die echt een stedentrip waard zijn. Avignon, de stad die we vandaag bezochten, is zo’n stad. De grote historische en culturele rijkdom, het mediterrane klimaat en de vele mogelijkheden om te shoppen maken de stad tot een ideale plek om een paar dagen te verblijven.
Wij hadden echter slechts een dag. Onze camper staat 15 km verderop in Aramon, een klein verslapen dorpje zoals er zoveel in Zuid-Frankrijk zijn. Vanaf de camperplek zijn we langs de Rhône naar de stad gefietst. In tegenstelling tot vorige fietstochten voerde de route nu alleen door de natuur.
In Avignon was onze eerste stop de Place du Horloge, een centraal plein waar naast een mooi theater ook het stadhuis ligt. Na een drankje op een van de talrijke terrasjes zijn we de stad gaan verkennen. We namen een toeristisch treintje dat in een uur een prima eerste indruk van Avignon gaf. Ons échte doel was echter het Puselijke Paleis.
Vandaag de dag resideert de paus, de baas van de katholieke kerk, in Vaticaanstad in Rome. Ook in een veel grijzer verleden was dit het geval.. in 1309 verplaatste de toenmalige paus, Clemens V. de Heilige stoel echter naar Avignon. Dit kwam doordat de situatie in Rome nogal kritiek en gespannen was, maar ook de Franse koningen oefenden sterke invloed uit op de kerkvader om de heilige stoel te verplaatsen. De pauselijke periode in Avignon duurde 68 jaar en mondde uiteindelijk uit in het Westers Schisma, een periode waarin Pausen en tegenpausen het met elkaar aan de stok hadden. Pas in 1417, na het concilie van Kostanz, keerde de rust terug en sindsdien is de heilige stoel weer in Rome.
De pausen die in Avignon resideerden hebben niet stilgezeten. De stad wordt gedomineerd door een gigantisch pauselijk paleis en in de binnenstad liggen talrijke kleinere paleizen die toebehoorden aan de leden van de curie. De pracht en praal is ook nu nog tastbaar en laat zien dat de kerk in de 13e en 14e ook een wereldlijke macht was..
Wij bezochten het paleis en wandelden door de oude binnenstad. Na een drankje en een hapje op een terras, fietsten we weer naar onze camper. Morgen reizen we verder naar Lyon, waar we twee nachten blijven.
Slimme jongens die Romeinen
Vanochtend zijn we van onze camperplek in Aramon al vroeg vertrokken naar de eerste stop van vandaag. We wilden het Duggar bekijken. Dit Romeinse aquaduct uit de eerste eeuw naar Christus is een van de hoogtepunten van deze regio. Door vroeg te vertrekken vermeden we enerzijds de drukte die hier in de loop van de dag zal ontstaan maar ontweken we ook een beetje de hitte die vandaag verwacht wordt.
Slimme jongens die Romeinen, is een gevleugelde uitspraak uit de Asterix en Obelix stripboeken. Het pont du gard laat echter zien dat de Romeinen wel degelijk erg slim waren. Het aquaduct werd gebouwd om de stad Nimes te voorzien van water. het deel van het aquaduct dat nu nog te zien is heeft een hoogte van 49 m en overspant de rivier Gard maar liefst 275 m. Het volledige aquaduct was maar liefst 50 km lang. Het gemiddelde verval bedroeg 23 centimeter per kilometer en het geheel was zo gebouwd dat het water vanzelf naar de stad stroomde. Heel ingenieus dus!
Wij bekeken het bouwwerk van alle kanten en maakten met de drone een paar opnames. Daarna was het tijd om verder te rijden naar Lyon, onze bestemming voor vandaag en morgen.
Nu een keertje niét alleen lángs Lyon
Vanmiddag zijn wij aangekomen op camping Lyon, een stadscamping waarvandaan je eenvoudig met het OV naar het oude centrum van de stad reist. Wij kennen Lyon eigenlijk alleen als een stad die in het verleden zorgde voor oponthoud op weg naar het zuiden. Dit jaar nemen we uitgebreid de tijd om de stad écht te ontdekken.
Na een snelle lunch bij de camper zijn we met bus en metro de stad in gegaan. Vanmiddag hebben we vooral gebruikt om
Met een hop in hop off bus een gevoel te krijgen van de loopafstanden tussen de belangrijkste bezienswaardigheden. Lyon is zeker geen Parijs, Orleans of Avignon, maar de stad heeft genoeg te bieden.
Hoewel het gebied van de stad al in de oudheid bewoond werd, komt de stad en de omliggende regio pas tot bloei als de Romeinen in 43 VC Ludugnum stichten. De stad lag in Gallië, dat verdeeld was in drie provincies : Gallia Belgica, Gallia Aquitania en Gallia Lugdunensis. Lyon (Ludugnum) was de hoofdstad van deze laatste provincie. Er zijn nog Romeinse resten in het Lyon van vandaag, maar bouwwerken uit de 18e en 19e eeuw domineren het oude centrum. Morgen bezoeken wij de highlights!!
Van Ludugnum naar art nouveau
Vandaag hadden we nog een hele dag in Lyon. Na onze eerste verkenning van de stad gisteren, besloten we Romeins Lyon op de Fourvière heuvel te bezoeken. Op deze heuvel ontstond in de eerste eeuw de Romeinse Nederzetting Lugdunum die al snel de belangrijkste stad van het Gallisch deel van het Romeinse rijk werd. Wij bezochten de opgravingen rondom het grote theater en het kleinere (en verrassend goed bewaard gebleven) Odeon. Naast deze bouwwerken bevat de site talrijke resten van woningen, tempels en een badgebouw, al heb je wat verbeelding nodig om je een voorstelling te maken van de drukke Romeinse stad van weleer.
Op de Fourvière heuvel ligt tevens de meest bezochte attractie van Lyon: de Basilique Notre-Dame de Fourvière. Deze gigantische kerk domineert het aanzicht van de stad hoog boven de rechter oever van de Saône. Het is een belangrijk bedevaartsoord met een rijke mix van romaanse en byzantijnse stijlen en een prachtig uitzicht over de stad. Hoewel de kerk er al
Eeuwig lijkt te staan, werd ze pas in de negentiende eeuw gebouwd. Wat verder naar beneden, aan dezelfde oever, ligt Cathédrale Saint-Jean-Baptiste. Deze kerk dateert uit de twaalfde eeuw en is dus veel ouder. Wij namen een kijkje in beide iconische bouwwerken. De basiliek viel op door de weelderige met mozaïeken bezette wanden en plafonds die vooral de Byzantijnse stijl weerspiegelen. De kathedraal daarentegen blinkt uit in eenvoud en is om die reden ook indrukwekkend.
Van de Fourviére heuvel slenterden we via de steegjes van de oude stad terug naar de linker oever. De meeste gebouwen hier werden óf gebouwd in de renaissance of hebben kenmerken van de Art nouveau. Al met al leidt dit tot een bijzondere mix van stijlen.
Na een kort bezoek aan (het vandaag gratis toegankelijke) museum voor schone kunsten zijn we, met een frisse duik in het zwembad in het vooruitzicht, teruggegaan naar de camping. Morgen verlaten we het zuiden van Frankrijk en reizen we naar de omgeving van Dijon.
Een abdij, een stadsmuur en een camping
Op weg terug naar huis hebben we nog drie highlights voor de boeg. Het eerste van de drie bezochten we vanochtend: de abdij van Cluny.
We waren al vroeg wakker en nadat we nieuw water ingenomen hadden, vuil water geloosd hadden en ook het camper toilet er weer tegen kon, zijn we over de route du soleil verder in noordelijke richting gereden.
De abdij van Cluny ligt in het gelijknamige dorpje in het zuiden van de Bourgogne. De abdij werd gesticht in 910 door hertog Willem van Aquitanië en groeide uit tot het machtigste religieuze en culturele centrum van middeleeuws Europa. Tijdens de Franse Revolutie aan het einde van de 18e eeuw werd de abdij geconfisqueerd, verkocht en grotendeels afgebroken als steengroeve. De laatste decennia is er echter veel archeologisch werk gestopt in onderzoek en reconstructie van het enorme complex, waardoor je als bezoeker toch een goed beeld krijgt van de omvang en weelde van weleer.
De abdij werd gesticht als benedictijner klooster en stond onder direct gezag van de Paus, los van lokale edelen of bisschoppen. Cluny vormde zo het kloppen hart van de Benedictijnen met talrijke kloosters in heel Europa.
De abdij van Cluny speelde een cruciale achtergrond- en sleutelrol bij de kruistochten. Hoewel de monniken zelf volgens hun kloosterregels niet meevochten, vormde Cluny het ideologische, theologische en organisatorische fundament waarop de kruistochten werden gebouwd. De paus die opriep tot die kruistochten (Urbanus II) was zelf ook een Benedictijn.
Wij bezochten het klooster en de omliggende stad. De Gothische en Romaanse bouwwerken wisselden elkaar af. Het meest opvallende bouwwerk binnen de kloostermuren is de grote kerk (Eglesia Major) die tot aan de bouw van de Sint Pieter in Rome het grootste geestelijke gebouw in West Europa was.
Na ons bezoek aan Cluny zijn we verder doorgereden naar Langres, een prachtig versterkte vestingstad in het noordoosten van Frankrijk, gelegen in het departement Haute-Marne.
De stad staat bekend als een van de best bewaarde vestingsteden van Europa en ligt strategisch op een hoog kalksteenplateau, wat spectaculaire uitzichten over de omgeving oplevert. We hadden voor vandaag geen overnachtingsplek gepland. We hebben even gekeken op een camperplaats zonder voorzieningen, maar die lag in een nogal desolate omgeving. Verderop, letterlijk binnen de stadsmuren, zijn we vervolgens neergestreken op camping Navarre. Deze plek ontleent zijn naam aan de gelijknamige toren in de omwalling van de stad. Onze camper staat zowat naast die toren en kijkt uit over het Marne dal. Een heerlijk plekje dus.
We hebben de middag vooral besteed aan een wandeling over 3,5 km lange en volledig intacte stadsmuur, een korte rondleiding door de stad en een drankje op een terras. Inmiddels hebben we ook een vorkje geprikt op een terras in het centrum én een doosje Bourgogne (rood en wit) gekocht voor thuis. Morgen reizen we door naar het Noord Franse Metz, onze laatste stop van deze roadtrip.
Fietsen langs de Moezel: oorlogsverleden, onverwachte Romeinse schatten en een noord Franse stad.
Onze laatste stop deze vakantie is Metz. Onze camper staat in Corny-Sur-Moselle, op een camping meteen aan de Moezel. Van de camping zijn we in een dikke 45 minuten over een prachtig aangelegd fietspad tot in het hart van Metz gefietst. Onderweg waren er twee verrassingen. Op een paar honderd meter van onze camper vandaan ligt een herdenkingsplaats voor de slag om de Moezel in september 1944. Amerikaanse eenheden van de 5e Infanterie- en 7e Pantserdivisie probeerden een bruggenhoofd te slaan over de Moezel bij Corny-sur-Moselle en Dornot. Dit liep uit op een bloedige strijd tegen zware Duitse tegenstand, met 945 Amerikaanse slachtoffers in 60 uur. De slachtoffers worden aan de oever van de rivier herdacht.
Een paar kilometer verderop passeerden we de volgende onverwachte plek op weg naar Metz, het aquaduct van Gorze. Hoewel niet zo mooi gelegen als het Pond du Gard, is ook dit Romeinse bouwwerk imposant. Het aquaduct is onderdeel van de watervoorziening tussen Gorze en Metz en was ooit 22 km lang. Vandaag de dag resteert een deel van de overspanning van de Moezel dat met een prima indruk geeft van de omvang van weleer..
Metz zelf is een aardige stad met een rijk verleden. Na dik drie weken reizen waren we echter een beetje ‘cultuur moe’, dus lieten we het bij een oppervlakkige wandeling en een bezoek aan de kathedraal Saint Étienne. De bouw begon in het begin van de elfde eeuw en staat ook wel bekend als ‘ de lantaarn van de Goede Heer’, omdat de vele gebrandschilderde ramen het licht op steeds weer een andere manier op het interieur werpen.
Morgen reizen we terug naar Huis
Home sweet home
Wij zijn weer thuis! De was draait, de camper is uitgeruimd en wordt morgen gepoetst en tegen morgenavond is het enige dat nog verwijst naar de vakantie het saldo op de bankrekening 😉
Én alle mooie herinneringen natuurlijk! Deze vakantie week af van andere vakanties. We bleven langer op bepaalde plekken en maakten daardoor ‘slechts’ 2700 kilometer dit jaar. Ter vergelijk: in voorafgaande jaren was dat vaak het dubbele. We hebben mooie plekken gezien in Frankrijk. Omdat we veelal ‘weg van de snelweg’ waren, hebben we met uitzondering van Saint Tropez, de echte toeristische trekpleisters kunnen ontwijken en het meer verborgen Frankrijk kunnen zien. Dat beviel prima! Nu gaat de camper naar de stalling. Omdat ons een verbouwing wacht, is het camper seizoen waarschijnlijk voorbij voor ons. Maar ja, je weet maar nooit of er toch nog ergens een gaatje is😋. En anders? Op naar volgend voorjaar!!
Reactie plaatsen
Reacties